

Wat is een bonsai ?
Een grote boom in het klein
Bij het woord bonsai denken veel mensen aan een bijzondere soort kleine boom. Toch is een bonsai geen aparte boomsoort.
Een bonsai is een gewone boom of struik die door middel van verschillende technieken klein wordt gehouden en zo wordt gevormd dat hij de uitstraling krijgt van een volwassen boom in de natuur.
Een esdoorn, jeneverbes, den, beuk of zelfs een olijfboom kan bijvoorbeeld als bonsai worden ontwikkeld.
Het bijzondere aan bonsai zit dus niet in de boomsoort, maar in de manier waarop de boom wordt verzorgd en gevormd.
Wat betekent het woord bonsai?
Het woord bonsai (盆栽) komt uit het Japans en bestaat uit twee delen:
Bon (盆) betekent vrij vertaald schaal of pot.
Sai (栽) betekent planten of kweken.
Samen betekent bonsai dus ongeveer “een plant of boom gekweekt in een schaal”.
Maar bonsai is veel meer dan simpelweg een boom in een kleine pot zetten. Het draait om het creëren van een geloofwaardige miniatuurweergave van een volwassen boom zoals deze in de natuur zou kunnen voorkomen.
Is een bonsai van nature klein?
Nee. De meeste bomen die als bonsai worden gebruikt kunnen in de natuur uitgroeien tot grote bomen.
Een bonsai blijft klein doordat de groei voortdurend wordt begeleid. Hiervoor worden verschillende technieken gebruikt, zoals:
- Snoeien van takken en nieuwe groei.
- Snoeien en ontwikkelen van het wortelgestel.
- Bedraden en positioneren van takken.
- Regelmatig verpotten.
- Selecteren van knoppen en scheuten.
- Ontwikkelen van fijne vertakking.
De boom blijft daarbij gewoon leven, groeien en veranderen.
Het doel is dan ook niet om de groei volledig tegen te houden, maar om deze gecontroleerd te sturen.
Hoe oud kan een bonsai worden?
Een bonsai heeft in principe geen kortere levensduur omdat hij klein wordt gehouden.
Bij goede verzorging kunnen bonsai vele tientallen jaren en soms zelfs honderden jaren oud worden. Sommige oude bonsai worden van generatie op generatie doorgegeven.
Dat maakt bonsai bijzonder: een boom is eigenlijk nooit helemaal ‘af’.
Door de jaren heen verandert de stam, worden takken dikker, ontstaat fijnere vertakking en krijgt de boom steeds meer karakter.
Wat maakt een bonsai mooi?
Een goede bonsai hoeft niet perfect of volledig symmetrisch te zijn. Juist onregelmatigheden kunnen een boom natuurlijk en oud laten lijken.
Bij de vormgeving wordt onder andere gekeken naar:
De stam
Een mooie stam heeft vaak beweging en wordt van onder naar boven geleidelijk dunner. Dit noemen we tapsheid.
Een dikke en karaktervolle stam kan ervoor zorgen dat een kleine boom veel ouder en groter lijkt dan hij daadwerkelijk is.
De wortelvoet
De zichtbare wortels aan de basis van de stam worden binnen bonsai nebari genoemd.
Een goed ontwikkelde wortelvoet geeft de boom een stabiele en krachtige uitstraling.
De takken
De plaats, richting en dikte van de takken bepalen voor een groot deel de vorm van de boom.
Naarmate een bonsai verder wordt ontwikkeld, wordt geprobeerd steeds fijnere vertakking te creëren.
De pot
Ook de bonsaipot maakt onderdeel uit van de totale compositie.
De vorm, grootte en kleur van de pot worden gekozen zodat deze bij de boom passen zonder te veel aandacht van de boom af te leiden.
Lege ruimte
Niet alleen wat er aan een bonsai zit is belangrijk. Ook de ruimtes tussen de takken en het loof spelen een belangrijke rol.
Deze open ruimtes zorgen ervoor dat de structuur van de boom zichtbaar blijft en geven het ontwerp rust en diepte.
Bonsaistijlen
In de natuur groeien bomen onder zeer verschillende omstandigheden. Sommige groeien recht omhoog, terwijl andere door wind, sneeuw of hun standplaats een heel andere vorm ontwikkelen.
Binnen bonsai worden deze natuurlijke groeivormen nagebootst in verschillende stijlen.
Bekende voorbeelden zijn:
- Chokkan – formeel rechtopgaand.
- Moyogi – informeel rechtopgaand.
- Shakan – hellende stijl.
- Kengai – cascade.
- Han-Kengai – semi-cascade.
- Hokidachi – bezemstijl.
- Fukinagashi – windgeslagen stijl.
- Bunjin – literati.
Deze stijlen zijn geen regels waar iedere boom precies aan moet voldoen. Ze dienen vooral als uitgangspunt bij het ontwerpen en beoordelen van een bonsai.
Binnenbonsai en buitenbonsai
Een belangrijk misverstand is dat een bonsai automatisch een kamerplant is.
De meeste bonsai zijn juist buitenbomen.
Een jeneverbes, den, esdoorn, beuk of lariks heeft de natuurlijke wisseling van de seizoenen nodig en hoort daarom in principe buiten te staan.
Tropische en subtropische soorten, zoals bepaalde Ficus-soorten, kunnen wel binnenshuis worden gehouden wanneer ze voldoende licht en de juiste verzorging krijgen.
Kijk daarom altijd naar de behoeften van de boomsoort en niet alleen naar het feit dat het een bonsai is.
Waar komt bonsai vandaan?
Hoewel bonsai tegenwoordig sterk met Japan wordt geassocieerd, liggen de voorlopers van de kunstvorm in China.
Daar bestond al eeuwen geleden de traditie om miniatuurlandschappen en bomen in schalen te kweken. Deze kunstvorm ontwikkelde zich later verder in Japan.
In Japan werd het kweken en vormgeven van bomen in potten door de eeuwen heen steeds verder verfijnd tot de bonsaikunst zoals we die tegenwoordig kennen.
Vanuit Japan verspreidde bonsai zich uiteindelijk over de rest van de wereld.
Is bonsai moeilijk?
Bonsai hoeft niet moeilijk te zijn, maar vraagt wel aandacht.
De basis bestaat eigenlijk uit het begrijpen van wat een boom nodig heeft: licht, water, lucht, voeding, een geschikt substraat en voldoende ruimte voor gezonde wortels.
Daarna komen technieken zoals snoeien, bedraden en vormgeven.
Het belangrijkste is om niet alles tegelijk te willen doen. Een bonsai ontwikkelt zich over jaren. Soms is juist niets doen en de boom een seizoen laten groeien de beste keuze.
Kan iedere boom een bonsai worden?
Veel houtige bomen en struiken kunnen als bonsai worden ontwikkeld, maar sommige soorten zijn geschikter dan andere.
Eigenschappen die vaak prettig zijn voor bonsai zijn:
- Relatief kleine bladeren of naalden.
- Goede reactie op snoeien.
- Mogelijkheid om fijne vertakking te ontwikkelen.
- Een stam die met de jaren karakter ontwikkelt.
- Geschiktheid om in een relatief kleine pot te groeien.
Voor beginners zijn sommige soorten bovendien aanzienlijk vergevingsgezinder dan andere.
Een bonsai is nooit echt af
Misschien wel het belangrijkste om te begrijpen is dat bonsai geen eindproduct is.
Een bonsai groeit ieder jaar verder. Takken veranderen, nieuwe scheuten ontstaan en oude delen kunnen verdwijnen. Daardoor moet de vorm voortdurend worden onderhouden en soms zelfs opnieuw worden bekeken.
Dat is tegelijkertijd één van de mooiste kanten van bonsai.
Je werkt niet een paar dagen aan een boom om hem daarna als voltooid kunstwerk neer te zetten. Je ontwikkelt en verzorgt dezelfde boom gedurende vele jaren.
En juist door die combinatie van natuur, techniek, geduld en creativiteit is bonsai voor veel mensen veel meer dan alleen het houden van een kleine boom.
