

Plaatsing van je bonsai
De juiste standplaats voor een gezonde bonsai
De plaats waar je bonsai staat heeft grote invloed op zijn gezondheid en ontwikkeling. Licht, temperatuur, wind en luchtcirculatie bepalen onder andere hoe sterk een boom groeit en hoe snel het bonsaisubstraat uitdroogt.
Er bestaat helaas niet één ideale standplaats voor iedere bonsai.
Een den of jeneverbes kan bijvoorbeeld uitstekend gedijen op een zonnige plek, terwijl sommige andere soorten tijdens hete zomerdagen bescherming tegen de felle middagzon kunnen gebruiken.
De belangrijkste regel is daarom:
Kies de standplaats op basis van de behoeften van de boomsoort.
Eerst: binnen of buiten?
Voordat je een plek uitzoekt, moet je weten of je een binnen- of buitenbonsai hebt.
De meeste traditionele bonsaisoorten zijn buitenbomen. Denk bijvoorbeeld aan:
- Jeneverbes.
- Den.
- Japanse esdoorn.
- Beuk.
- Haagbeuk.
- Lariks.
- Eik.
- Cotoneaster.
- Azalea.
Deze bomen hebben de natuurlijke wisseling van de seizoenen nodig en horen in principe het hele jaar buiten te staan.
Tropische en subtropische soorten, zoals verschillende Ficus-soorten, kunnen onder de juiste omstandigheden binnenshuis worden gehouden.
Plaatsing van een buitenbonsai
Zorg voor voldoende licht
Licht is één van de belangrijkste factoren voor een gezonde boom.
Een bonsai die voldoende licht krijgt kan krachtig groeien en gezonde bladeren, naalden en nieuwe scheuten ontwikkelen.
Hoeveel directe zon wenselijk is, verschilt per boomsoort.
Zonliefhebbers
Veel naaldbomen houden van een zonnige standplaats.
Denk bijvoorbeeld aan:
- Dennen.
- Jeneverbessen.
- Sommige lariksen.
Voldoende zon helpt deze bomen bij het ontwikkelen van compacte en sterke groei.
Soorten die wat bescherming kunnen gebruiken
Sommige loofbomen kunnen tijdens zeer hete zomerdagen gevoelig zijn voor de felle middagzon.
Japanse esdoorns kunnen bijvoorbeeld last krijgen van verbrande of verdroogde bladranden wanneer ze tijdens een hete, droge periode langdurig in de volle middagzon staan.
Een plek met ochtendzon en enige bescherming tijdens de heetste uren van de middag kan dan prettig zijn.
Ochtendzon of middagzon?
Niet iedere zon is hetzelfde.
Ochtendzon is doorgaans milder. De temperatuur is lager en de boom heeft nog niet de hele dag warmte opgebouwd.
Middagzon is veel krachtiger, vooral tijdens warme zomerdagen.
Een plek waar een boom ’s morgens enkele uren directe zon krijgt en later op de dag enige schaduw ontvangt, kan daarom voor veel soorten een prettige standplaats zijn.
Voor soorten die juist veel zon verlangen kan een zonnigere plek geschikter zijn.
Let op met plotseling meer zon
Verplaats een boom die langere tijd in de schaduw of binnen heeft gestaan niet ineens naar de volle zomerzon.
Bladeren en naalden zijn aangepast aan de hoeveelheid licht die ze gewend zijn.
Een plotselinge overgang naar sterke zon kan daardoor bladverbranding veroorzaken.
Laat een bonsai daarom geleidelijk wennen aan een zonnigere standplaats.
Zorg voor goede luchtcirculatie
Buiten heeft een bonsai van nature te maken met bewegende lucht.
Goede luchtcirculatie helpt onder andere om vocht na regen of water geven sneller van het blad te laten verdampen en voorkomt een langdurig stilstaand, vochtig microklimaat rondom de boom.
Zet bomen daarom liever niet volledig opgesloten tussen muren, planten of andere objecten.
Een open plek waar lucht rustig langs de boom kan bewegen is meestal beter.
Bescherm tegen extreme wind
Luchtcirculatie is goed, maar harde en droge wind kan juist problemen veroorzaken.
Een bonsaipot bevat relatief weinig substraat. Door een combinatie van zon, warmte en sterke wind kan deze zeer snel uitdrogen.
Bovendien kan een hoge bonsai of een boom met een grote kroon bij harde wind omwaaien.
Op een zeer winderige standplaats kan een hek, haag of windscherm daarom nuttig zijn.
Zorg wel dat je de luchtcirculatie niet volledig blokkeert.
Zet een bonsai liever niet op de grond
Een bonsai komt vaak het beste tot zijn recht wanneer hij op een tafel, bank of stelling staat.
Dat heeft verschillende voordelen.
De boom is gemakkelijker te bekijken en verzorgen, krijgt vaak betere luchtcirculatie en staat minder gemakkelijk tussen hoog gras en andere begroeiing.
Daarnaast verklein je de kans dat slakken en sommige andere dieren eenvoudig bij de boom kunnen komen.
Een hoogte van ongeveer 60 tot 100 centimeter is voor een praktische bonsai-opstelling vaak prettig, afhankelijk van de grootte van de bomen.
Kies de ondergrond zorgvuldig
Ook de omgeving onder en rondom je bonsai kan invloed hebben op de temperatuur.
Een stenen terras kan tijdens een hete zomerdag veel warmte opnemen en later weer uitstralen.
Een donkere muur op het zuiden kan hetzelfde effect hebben.
Hierdoor kan het rondom een bonsai aanzienlijk warmer worden dan de gemeten buitentemperatuur doet vermoeden.
Let daarom tijdens warme perioden extra op bomen die:
- Tegen een zonnige muur staan.
- Boven warme bestrating staan.
- Op een metalen oppervlak staan.
- Weinig beschutting tegen de middagzon hebben.
Draai je bonsai regelmatig
Wanneer een boom langere tijd met dezelfde zijde naar de zon staat, kan de groei aan de zonnige kant sterker worden.
Je kunt de boom daarom tijdens het groeiseizoen af en toe draaien zodat verschillende zijden voldoende licht krijgen.
Doe dit niet gedachteloos volgens een vast schema wanneer je bewust bepaalde delen sterker of juist minder sterk wilt laten groeien.
Bij bonsai kan de hoeveelheid licht namelijk ook bewust worden gebruikt tijdens de ontwikkeling van de boom.
Plaatsing tijdens de zomer
Bescherming tegen extreme hitte
Tijdens normale zomerdagen kan een zonnige standplaats uitstekend zijn.
Bij extreme hitte verandert de situatie.
Vooral kleine bonsaipotten kunnen dan razendsnel opwarmen en uitdrogen.
Tijdens een hittegolf kun je gevoelige bomen tijdelijk beschermen tegen de heetste middagzon.
Een schaduwdoek kan hiervoor erg handig zijn. Hiermee verminder je de intensiteit van de zon zonder de boom volledig donker te zetten.
Controleer tijdens warme en winderige dagen ook vaker of het substraat nog voldoende vochtig is.
Schaduw betekent niet automatisch koelte
Een boom die in de schaduw staat kan tijdens een hete dag nog steeds snel uitdrogen.
Temperatuur, wind, potgrootte, hoeveelheid blad en het gebruikte substraat hebben allemaal invloed op het waterverbruik.
Controleer daarom altijd het substraat in plaats van alleen naar de standplaats te kijken.
Plaatsing tijdens regen
Mag een bonsai gewoon in de regen staan?
Ja. Een buitenbonsai kan normaal gesproken gewoon regen krijgen.
Regen is onderdeel van de natuurlijke omstandigheden waarin bomen groeien.
Belangrijk is wel dat de bonsaipot goede drainage heeft en dat het gebruikte substraat voldoende water doorlaat.
Wanneer water langdurig in de pot blijft staan, kunnen de wortels te weinig zuurstof krijgen.
Langdurige zware regen
Een paar regenachtige dagen zijn voor een gezonde bonsai in goed drainerend substraat meestal geen probleem.
Bij uitzonderlijk langdurige zware regen kun je bomen die in zeer vochtvasthoudend substraat staan eventueel tijdelijk wat beschutter plaatsen.
Controleer vooral of de drainagegaten niet verstopt zijn en of overtollig water gemakkelijk uit de pot kan lopen.
Plaatsing tijdens de winter
Winterhard betekent niet onverwoestbaar
Een buitenbonsai moet zijn natuurlijke winterrust kunnen krijgen.
Dat betekent echter niet dat iedere bonsai in een kleine pot onbeperkt aan strenge vorst kan worden blootgesteld.
In de volle grond worden wortels beschermd door een grote hoeveelheid aarde. In een ondiepe bonsaipot kan de volledige wortelkluit veel sneller bevriezen.
Tijdens stevige of langdurige vorst kan extra bescherming daarom noodzakelijk zijn.
Bescherm vooral de wortels
Afhankelijk van de boomsoort en omstandigheden kun je bijvoorbeeld:
- De bonsai uit koude wind plaatsen.
- Potten dichter bij elkaar zetten.
- De pot gedeeltelijk ingraven.
- Isolerend materiaal rondom de pot gebruiken.
- Een koude bak gebruiken.
- Een onverwarmde kas gebruiken.
Het doel is niet om een buitenbonsai warm te houden.
Je wilt vooral voorkomen dat de wortels worden blootgesteld aan extreme temperatuurschommelingen en zware langdurige vorst.
Plaatsing van een binnenbonsai
Zo dicht mogelijk bij voldoende licht
Bij een binnenbonsai is licht meestal de grootste uitdaging.
Voor onze ogen kan een kamer erg licht lijken, terwijl de hoeveelheid licht voor een boom toch onvoldoende is.
Plaats een binnenbonsai daarom meestal dicht bij een geschikt raam.
Hoe verder je de boom van het raam afzet, hoe sneller de beschikbare hoeveelheid licht afneemt.
Pas op met verwarming
Zet een bonsai liever niet direct:
- Boven een radiator.
- Naast een kachel.
- In een constante warme luchtstroom.
- Direct naast sterk verwarmende apparatuur.
De combinatie van warmte en droge lucht kan ervoor zorgen dat de boom en het substraat sneller uitdrogen.
Let op met een raam op het zuiden
Veel licht is goed, maar achter glas kan de temperatuur in direct zonlicht flink oplopen.
Controleer daarom op zonnige zomerdagen hoe warm het daadwerkelijk wordt op de plek waar de boom staat.
Een boom die direct tegen het glas staat kan veel hogere temperaturen ervaren dan je in de rest van de kamer merkt.
Een bonsai-opstelling in de tuin
Wanneer je meerdere bonsai hebt, is een speciale bonsaitafel of -bank erg praktisch.
Een goede opstelling heeft bij voorkeur:
- Voldoende zonlicht.
- Goede luchtcirculatie.
- Gemakkelijke toegang voor water geven.
- Een stevige constructie.
- Mogelijkheid om bomen tijdens extreme omstandigheden te beschermen.
- Voldoende ruimte tussen de bomen.
Zet de bomen niet allemaal strak tegen elkaar. Enige ruimte zorgt ervoor dat licht en lucht ook de binnenzijde van de kroon kunnen bereiken.
Bovendien kun je iedere boom zo veel beter bekijken.
Niet iedere bonsai hoeft op dezelfde plek te staan
Wanneer je verzameling groter wordt, zul je waarschijnlijk merken dat één standplaats niet ideaal is voor alle bomen.
Je kunt bijvoorbeeld verschillende zones maken:
Zonnige plek
Voor bomen die veel direct zonlicht verlangen.
Halfschaduw
Voor soorten die wat bescherming tegen de heetste middagzon waarderen.
Beschutte plek
Voor pas verpotte bomen, herstellende bomen of bomen die tijdelijk extra bescherming nodig hebben.
Hiermee kun je de omstandigheden veel beter afstemmen op iedere individuele boom.
Veelgemaakte fouten
- Iedere boom op exact dezelfde plek zetten.
- Een buitenbonsai permanent binnen plaatsen.
- Een boom zonder gewenning vanuit de schaduw in de volle zon zetten.
- Een bonsai direct boven een radiator plaatsen.
- Geen rekening houden met sterke wind.
- Denken dat een plek in de schaduw nooit uitdroogt.
- Een bonsai op hete bestrating tegen een zonnige muur plaatsen zonder de temperatuur in de gaten te houden.
- Tijdens de winter alleen naar de takken kijken en de kwetsbaarheid van de wortels vergeten.
Tot slot
De perfecte standplaats bestaat niet voor iedere bonsai.
Kijk daarom altijd naar de boomsoort, het seizoen en de actuele weersomstandigheden.
Een plek die in april perfect is, kan tijdens een hittegolf in augustus ineens te warm zijn. En een zonnige plek die in de winter ideaal is, kan midden in de zomer bescherming tegen de sterkste middagzon nodig hebben.
Observeer je bomen daarom regelmatig en durf ze indien nodig te verplaatsen.
Een goede standplaats geeft je bonsai voldoende licht en lucht, terwijl hij wordt beschermd tegen extreme omstandigheden.
